vrijdag 22 mei 2020

Subterranean Homesick Blues

In mei 1965 volgde de derde Franse EP van Bob Dylan.

De songs kwamen uit verschillende LP’s van Dylan. Dit was een typisch Frans product. De keuze was enigzins gewaagd omdat naast de sterke “protestsong” “The times they are a changin” ook rockwerk van Dylan werd gebracht (“Subterranean Homesick Blues”)

Op de hoes staat een ietwat sceptisch peinzende Dylan.

“Subterranian Homesick Blues” zou in Pennebaker’s film “Don’t look back” als soundtrack dienen voor wat je gerust de eerste videoclip ever kan noemen. Waarschijnlijk gaat het om een verwijzing naar Jack Kerouac’s “The Subterranians”. En dan is er die vreemde zin “Look out Kid, it’s something you did” genoeg om er schrik van te krijgen.

“She belongs to me” gaat waarschijnlijk over Joan Baez. Het gaat over de onbereikbare vrouw. Rick Nelson had er een paar jaren later een hit mee (1969)

En dan is er “It ain’t me Babe”, een bitter,sarcastisch liedje over de liefde zoals alleen Bob Dylan dit kon maken. Het gaat waarschijnlijk over het einde van zijn relatie met Suze Rotollo. Dylan verwijst hiernaar in zijn Chronicles. Hij zegt dat hij de song schreef in Italië waar hij verbleef in 1963. De persoon over wie Bob het heeft is een onmogelijk iemand. Dylan beseft heel goed dat hij niet kan geven wat zij wil, dwz. “Someone who will die for you an’ more”…

maandag 4 mei 2020

'40-'45


Verrassend genoeg is de muziekcultuur van vlak vóór en vlak ná de oorlog niet wezenlijk anders. De rampspoed van de oorlog heeft slechts een geringe invloed gehad op de ontwikkeling van de muziek. Al in de jaren dertig was het ‘swing’ dat de klok sloeg, aangevoerd door de vele grote Amerikaanse dansorkesten. En eind jaren veertig maakten swingorkesten en bigbands nog stééds de dienst uit. De echte vernieuwingen zouden pas in de jaren vijftig komen, toen jongeren hun eigen muziek ontdekten en rock-’n-roll zijn luidruchtige entree maakte.


In 1940 waren de orkesten van onder anderen Glenn Miller, Tommy Dorsey, Count Basie, Benny Goodman en Duke Ellington toonaangevend. In de oorlogsjaren kwamen ook zangers als Dinah Shore en Frank Sinatra naar voren. En in Engeland Vera Lynn, de sweetheart of the forces. Ze dankte deze erenaam aan haar vele inspirerende optredens voor Britse militairen, nabij de slagvelden tijdens de oorlog en onmiddellijk na de bevrijding in het vrije Duitsland.

In 1945 had Doris Day als zangeres van het orkest van Les Brown haar eerste Amerikaanse nummer 1-hit: ‘Sentimental Journey’; het nummer was bijzonder geliefd onder Amerikaanse militairen in Europa. Bing Crosby was al ruim voor de oorlog een grote ster en bleef dat tot in de jaren vijftig. Datzelfde gold voor The Andrews Sisters.

Ook in ons land luisterde men naar bigbands – via verborgen radiotoestellen, verstopt onder vloeren en in kasten. En er werden meer Nederlandstalige liedjes opgenomen. Dat moest wel, omdat de bezetter geen Engelstalige muziek toestond. Aanvankelijk waren het vooral bewerkingen van Amerikaanse of Engelse nummers, maar steeds vaker verschenen er originele Nederlandse liedjes.

Immens populair waren The Ramblers, onder leiding van Theo Uden Masman, en The Skymasters, geleid door Pi Scheffer. Ook exotische muziek deed het goed in de oorlogsjaren, zoals de Kilima Hawaiians. Trouwens, ook zij moesten in het Nederlands zingen, al vermengden ze dat met Indische (en ‘Hawaiiaanse’) woorden.

En dan was er natuurlijk die bevrijdingsklassieker over “een meisje, luist’rend naar de naam van Trees, ’n echte Hollandse verschijning, knap en aardig in d’r vlees”. Dit komt uit de vrolijke meezinger ‘Trees heeft een Canadees’ van Albert Booy uit 1945:

Trees heeft een Canadees
O, wat is dat kindje in d’r sas
Trees heeft een Canadees
Samen in de jeep en dan vol gas
Al vindt zij dat Engels lang niet mis is
Wil zij dolgraag weten wat een kiss is

Na 1945 liep de swing-rage nog even door. In een land dat werd bevrijd door Amerikanen, Canadezen en Britten was het logisch dat veel Engelstalige liedjes werden gespeeld en meegezongen. En je luisterde als het effe kon naar American Forces Network (AFN), de radiozender voor Amerikaanse militairen in Europa. Daar draaiden ze de nieuwste hits uit de Verenigde Staten. Een nieuwigheid – toch nog, op de valreep van jaren veertig – diende zich aan in 1948: samba, overgewaaid uit Brazilië.

Eddy Christiani sprong er onmiddellijk op in. Hij, de megaster van de populaire muziek in het Nederland van toen, scoorde een hit met het vertaalde nummer ‘Maria van Bahia’. Op het ritme van de tamboerijn en sambaballen-gevuld-met-rijst.

Ondanks deze samba-injectie oordeelt Skip Voogd minder enthousiast over de Nederlandse muziekcultuur eind jaren veertig. Voogd: “De creativiteit in de Nederlandse muziek uit het begin van de jaren veertig had tegen het eind van die jaren plaatsgemaakt voor gezapige oubolligheid. Spanning en originaliteit waren rond 1950 minder aanwezig.”

De gezapigheid van die jaren is prachtig beschreven in de roman ‘De avonden’ van Gerard Reve (toen nog Simon van het Reve) uit november 1947. In de volgende passage figureren The Ramblers als ‘De Zwervers’. Hoofdpersoon Frits van Egters luistert met zijn ouders naar de radio wanneer De Zwervers het nummer ‘Sensatie Nummer Een’ inzetten. Dat bevalt de oudere generatie Van Egters allerminst.

‘Tuut tuut te tuut tuut,’ zei zijn moeder, toen het nummer begon, ‘verschrikkelijk.’
‘Je moet jazzmuziek proberen te volgen,’ zei Frits. Hij zat op een stoel dichtbij het toestel. ‘Kan dat gemier niet af?’ vroeg zijn vader en richtte zich op. ‘Nee,’ zei Frits, ‘je moet eens luisteren, dan zul je horen, dat het geen onsamenhangend lawaai is. Het orkest geeft het ritme aan, de saxofoon speelt de melodie en de improvisaties.’
‘Maar het kan wel zachter,’ zei de man en draaide de knop terug.

Hoe zouden Frits’ ouders een paar jaar later op Elvis Presley hebben gereageerd?

donderdag 23 januari 2020

Django Reinhardt


Op 23 januari werd Django Reinhardt (1910-1953) in een woonwagen vlakbij Charleroi geboren. Reinhardt werd de eerste prominente jazzmuzikant. Veel van zijn liedjes werden klassiekers, die vandaag de dag nog steeds gespeeld worden.

'Django' betekent 'Ik ontwaak' in het Romani, de zigeunertaal. Reinhardt bracht zijn jeugd grotendeels door in zigeunerkampen in de buurt van Parijs. Vanaf zeer jonge leeftijd speelde Django viool, banjo en gitaar, en trad op in muziekcentra in Parijs.

Om geld te verdienen verkocht zijn vrouw Florine 'Bella' Mayer boeketten, gemaakt van het uiterst brandbare celluloid. Op een dag ontstond er brand in de woonwagen. Bij de brand raakte de toen achttienjarige Django lelijk gewond. Zijn linkerbeen en twee vingers van zijn linkerhand waren zwaar verbrand. Django moest zichzelf gedurende twee jaar helemaal opnieuw leren spelen en gebruikte daarbij ook zijn gevoelloze vingers.

De zigeuner Reinhardt creëerde, mede hierdoor, een heel eigen stijl, vanaf 1934 samen met violist Stéphane Grappelli, die als Hot Club de France of gypsyswing de wereld in ging. Reinhardt kon zijn gitaar laten zingen, lachen, spreken, hij gaf het instrument een menselijke stem.

Daarna ontdekte Reinhardt ook de jazz. In zijn stijl mengt hij elementen van de jazz, zigeunermuziek en musette. Als enige niet-Europeaan werd hij al vlug in het jazzpantheon opgenomen naast figuren als Louis Armstrong, Billie Holiday, Duke Ellington, Charlie Parker en anderen. Reinhardt heeft vele muziekgrootheden beïnvloed, onder wie Julian Bream, Mark Knopfler, B.B. King en Carlos Santana.

zaterdag 18 januari 2020

(It May Be) The Last Time (I Don't Know)

In de RCA Studios in Hollywood nemen The Rolling Stones op 18 januari 1965 het nummer The Last Time op. Mick Jagger is over zijn zangpartij op The Last Time niet helemaal tevreden, en op 18 februari 1965 wordt deze dan ook in De Lane Lea Studio, Kingsway in Londen, opnieuw opgenomen.
Op de B-kant Play With Fire is Phil Spector te horen op akoestische gitaar en Jack Nitzsche op gitaar en klavecimbel. The Last Time is een bewerking van het nummer This May Be The Last Time, wat in 1954 al door The Staple Singers op de plaat is gezet. In 1927 is het nummer ook al opgenomen door de Blueszanger Jaybird Coleman met als titel He May Be The Last Time I Don't Know. Deze opname is echter nooit op plaat verschenen. Op 26 februari 1965, wordt The Last Time in Engeland uitgebracht. Amerika volgt op 13 maart 1965.
De zesde single is voor The Rolling Stones hun derde nummer 1-hit in Engeland. In Nederland haalt The Last Time de tweede plaats in de Top 40.

vrijdag 13 december 2019

Cha Cha

Op 13 december 1979 gaat in het Bellevue-theater in Amsterdam de film Cha Cha in premiere. Speciale gast is Billy Preston. De hoofdrollen in deze film worden gespeeld door Herman Brood, Nina Hagen en Lene Lovich. Bijrollen zijn er voor Ramses Shaffy, Simon Vinkeoog, Dolf Brouwers, Ko van Dijk, Nelly Frijda, Jules Deelder en de Hells Angels van Amsterdam Cha Cha is geregisseerd door Herman Curiel. Cha Cha is een harde Rock & Roll happening, waar naast de fantasie ook de realiteit rond het fenomeen Herman Brood aan bod komt. Herman is in deze film te zien tijdens het hoogtepunt van zijn roemruchte carierre. Cha Cha haalt de voorpagina van alle grote kranten en is het gesprek van de dag. De film gaat eigenlijk over de generatie die na 1945 geboren is, en naar nieuwe leiders zoekt. Herman Brood, de eeuwige verliezer, zorgt daarbij voor een spektakel dat in de Nederlandse popgeschiedenis nog niet eerder is voorgekomen.

vrijdag 6 december 2019

Altamont 1969

The Rolling Stones geven op 6 december 1969 een gratis concert op het terrein van de Altamont Speedway in Livermore in het noorden van Californië. Er komen driehonderdduizend mensen op dit evenement af. Op aanraden van The Grateful Dead worden Hell’s Angels ingehuurd als ordedienst. Dit Rolling Stones-concert wordt op opgenomen voor de concertfilm Gimme Shelter. Hierin is te zien hoe de achttienjarige Meredith Hunter wordt doodgeslagen door Alan David Pissaro van de Hell’s Angels. Gimme Shelter gaat op 6 december 1970 in de Amerikaanse bioscopen draaien. Op 14 januari 1971 wordt Alan David Pissaro vrijgesproken door het Alameda County Superior Court. Hij zegt te hebben gehandeld uit zelfverdediging. Later eist hij 200.000 dollar schadevergoeding van The Rolling Stones wegens schending van zijn privacy.


Huddie William Ledbetter

Op 6 December 1949 overlijdt blueszanger Huddie Ledbetter.

Huddie William Ledbetter wordt op 29 Januari 1889 bij Mooringsport in Louisiana geboren. Zijn geboortejaar staat niet voor 100% vast en varieert van 1885 tot 1901. Ledbetter groeit uit tot een legendarische folkblues-zanger annex -gitarist. Leadbelly behoort tot de eerste generatie zwarte artiesten uit de Verenigde Staten die hun muziek op de plaat weten vast te leggen. In de periode 1933- 1948 maakt hij, aanvankelijk alleen voor het culturele schatbewaardersinstituut Library Of Congress, maar vanaf 1940 ook voor meerdere platenlabels, waaronder het roemruchte Folkways Records, meer dan 400 opnamen, die gedeeltelijk onuitgebracht blijven. Zijn muziek is een doorsnee van wat er rond 1900 aan zwarte muziek wordt gemaakt. Zijn enorme repertoire wordt naast de gebruikelijke blues gevormd door cajun, worksongs, ballades, spirituals en dansnummers. 

Folklorist John Lomax is als werknemer van de Library Of Congress verantwoordelijk voor de ontdekking van Leadbelly, wanneer hij hem in 1933 tijdens veldwerk aantreft in de staatsgevangenis van Louisiana, Ledbelly zit een straf uit vanwege moord, na een ruzie met een man over een vrouw. Hij is het ook die Leadbelly introduceert bij het blanke publiek, gepresenteerd als moordenaar, Demon en King Of The Twelve-String Guitar. De invloed die Leadbelly dank zij deze promotie op de blanke folkmuziek heeft, is groot en werkt lang na (Skiffle, Bob Dylan) Leadbelly maakt na zijn vrijlating in 1940 ook deel uit van The Headline Singers, samen met Woody Guthrie en het latere bluesduo Sonny Terry en Brownie McGhee. 

In 1948 moet hij een Europese tournee inkorten wegens ziekte, waaraan hij een jaar later overlijdt. Hoe oud Ledbetter geworden is hangt af van zijn geboortejaar.


zondag 1 december 2019

Ramses Shaffy

Ramses Shaffy werd geboren te Neuilly-sur-Seine in Frankrijk op 29 augustus 1933 als zoon van een Egyptische vader en een Russische moeder, zijn moeder kon niet met het idee leven om als diplomatenvrouw naast haar man verder te moeten leven en verliet voor het huwelijk haar man.
Zijn moeder werd ziek en het leek haar beter om Ramses naar haar zus in Nederland te sturen.
Maar ook deze werd ziek en het duurde niet lang tot hij naar een kindertehuis in Zeist werd gebracht.
Tussen 1952 en 1955 gaat Ramses Shaffy naar de Toneelschool in Amsterdam.
Zijn diploma haalt hij niet, wel gaat hij als acteur aan de slag bij de Nederlandse Comedie.
Muziek heeft Ramses zijn leven bepaald, want muziek grenst aan iets anders, wat een van de mooiste dingen van het leven is: stilte.



Muziek vult de stilte niet op, ze wordt geboren uit stilte, aldus Ramses Shaffy.

Hij is eigenlijk altijd wel een hippie gebleven, de eeuwige rebel, drugsgebruik en drank maar andere kant een briljant zanger en entertainer.
Zijn muzikale carrière begon in 1964 als hij samen met Liesbeth List het nummer Pastorale opneemt.
Het nummer is eveneens een klassieker in het Nederlandstalige repertoire geworden en is een Nederlands toonbeeld van psychedelische Nederlandstalige muziek.
Net als andere Nederlandse artiesten houdt Ramses Shaffy het niet alleen bij zingen, maar hij doet ook aan films, gedichten, toneel en schilderijen.

Hij is vooral succesvol van 1966, dat komt door zijn eerste single Sammy en Pastorale tot 1975. Praktisch al z’n nummers zijn van het zelfde psychedelische genre, de Pastorale is dan wel geschreven door Boudewijn de Groot, maar de andere nummers zijn meestal van eigenhand.
Ook heel bekend zijn “Zing, vecht huil bid lach werk en bewonder”, “Aan de andere kant van de heuvels” en in 1978 komt hij nog één keer terug in de hitlijsten met “Laat me”, zijn laatste hit.
Dat komt mede doordat hij zich meer focust op theater en film, maar gaandeweg wordt hij slachtoffer van zijn drank en drugs gebruik, maar het zijn vooral zijn teksten waarom Ramses hoog aangeschreven staat.



De laatste jaren van zijn leven verbleef hij in een verzorgingshuis in Amsterdam en ging zijn gezondheid achteruit.
Er werd bekend dat hij slokdarmkanker had, maar nam in oktober 2009 in museum Beeld en Geluid nog een dubbel dvd met zijn werk in ontvangst.

Hij was slecht bij stem, maar nam als vanouds plaats achter de vleugel, voor zijn laatste optreden.
Ramses stierf te Amsterdam op 1 december 2009

zaterdag 12 oktober 2019

All You Need Is Love


Op 7 juli 1967 verschijnt All You Need Is Love van The Beatles.

Deze single is op zondag 25 juni 1967 opgenomen tijdens de allereerste wereldwijde satelliet-uitzending Our World. Zo'n 400 miljoen mensen in 24 landen zien The Beatles in de grote studio van Abbey Road in Londen bezig aan de opnamen van All You Need Is Love. De studio is omgetoverd in een feestzaal met honderden serpentines en ballonnen in de vorm van wereldbollen.

Onder de aanwezigen bevinden zich vrienden en collega’s als Brian Jones (die aan het slot saxofoon speelt), Jane Asher, Patti Boyd, Mick Jagger, Eric Clapton, Donovan, Keith Moon, Marianne Faithfull, Gary Leeds van The Walker Brothers en Graham Nash van The Hollies. Dezelfde avond worden de banden van All You Need Is Love naar Amerika, Canada, Japan en Australië gevlogen zodat de single snel kan worden uitgebracht.

Op de B-kant staat Baby You’re A Rich Man dat eigenlijk bedoeld is voor de tekenfilm Yellow Submarine. Baby You’re A Rich Man is op 11 mei 1967 in de Olympic Sound Studios in Londen opgenomen.


dinsdag 8 oktober 2019

Cornelis Vreeswijk

Nadat de eerste single “De nozem en de non” was geflopt, lukte het met het originele nummer over “Veronica”, waar is je blauwe hoed zes jaar later wel,
Cornelis werd op 8 augustus 1937 geboren te IJmuiden. In 1949 vertrok het gezin Vreeswijk, Cornelis en drie zussen naar Stockholm, Zweden, waar zijn vader een taxibedrijfje begint.
Cornelis doet veel moeite om de Zweedse taal machtig te worden en elke middag gaat hij na schooltijd naar de bibliotheek om boeken te lezen.
Na zijn middelbare schooltijd doet hij pogingen de toneelschool te volgen, ook probeert hij het een poosje op de Sociale Academie.
In zijn studietijd maakt hij kennis met de Zweedse folkzanger Fred Akerström en vraagt Cornelis de zanger of deze misschien wat liederen van hem wil kopen.
Akerström nodigt hem uit wat voor te komen spelen, bij die gelegenheid is ook een platenproducer aanwezig, die meteen zo enthousiast is over Vreeswijk´s stemgeluid, dat hij hem direct voorstelt om een lp te maken.
Die plaat komt uit in 1964 en heet “Ballader och oförskämdheter”, wat zoveel betekent als Ballades en onbeschaamdheid.
Op uitnodiging van de VARA komt Cornelis Vreeswijk begin 1966 naar Nederland en hij heeft wat van zijn Zweedse repertoire vertaald, Jantjes blues onder meer en speelt die aangevuld met wat nieuwe nummers voor de televisie.
Kort daarna verschijnt De nozem en de non op single, maar het nummer doet niets en hij trekt de conclusie dat Nederland niet in hem geïnteresseerd is.
Pas zes jaar later laat hij zich eindelijk overhalen een lp in de Nederlandse taal op te nemen.
In Zweden zijn er dan van hem al meer dan tien lp´s verschenen.
De titelloze lp met nummer als “Misschien wordt het morgen beter” en een nieuwe opname van “De nozem en de non” verkoopt bijzonder goed, wel meer dan 100.000 exemplaren gaan over de toonbank.
Het levert Vreeswijk een Edison op, die wordt uitgereikt tijdens het Grand Gala du Disque.
Het betreft een live uitzending en er is voor de gelegenheid een lied gearrangeerd met orkest. Cornelis komt het podium op en zegt tegen het orkest ‘Jongens, laat maar zitten’, pakt zijn gitaar en zingt een compleet nieuw nummer.
Met “Veronica” lukte het echter wel weer een zes jaar later, de single belandde op de 12e plaats in de Top 40, waar hij 9 weken in stond.






Nu was dit net de periode waarin Radio Veronica intensief promotie maakte voor de verhuizing van de 192 naar de 538 meter middengolf op 30 september.
Vreeswijk maakte op verzoek van het station een speciale versie van zijn hit met een tekst over de golflengtewisseling.
Eerst werd deze opgenomen in de Veronica studio door Atze Veenstra.
Tijdens de laatste periode op de 192 meter werd er telkens aan het begin van een nieuw uur een couplet hiervan gedraaid.
Al snel kwam er een officiële maxi singleversie, met op de b-kant “Felicia” en een nieuwe versie van “De nozem en de non”, deze kwam op 7 oktober 1972 binnen in de Tipparade.
Op dezelfde dag kwam echter het laatstgenoemde nummer ook binnen in de Top 40, op een ander label en in de originele versie uit 1966 en dit werd zijn laatste hit in Nederland.
In Zweden kwam het nummer uit als “En visa till Veronica”.
Behalve een drankprobleem kent Cornelis ook regelmatig financiële moeilijkheden, ook al verdient hij heel veel geld, hij geeft het net zo makkelijk allemaal weer uit, wat hij aan geld heeft, draagt hij meestal contant bij zich.
Hij heeft vaak problemen met de belasting, omdat hij nooit iets invult en vaak moet er een schikking worden getroffen.
In 1983 kiest Cornelis Vreeswijk voor een radiale actie om de belastingdienst van repliek te dienen, hij gaat in hongerstaking.
Premier Olaf Palme spant zich persoonlijk in om een afbetalingsregeling in orde te maken.
Later bij zijn overlijden laat Vreeswijk een belastingschuld van circa 100.000 euro na.
In Zweden blijft Vreeswijk populair bij een vaste schare liefhebbers. Bijna elk jaar brengt hij nieuw materiaal uit.
laatste maanden van zijn leven werkt hij hard aan zijn afscheidslangspeelplaat Till fatumeh, waarop oude nummers in een nieuw jasje worden gestoken.
Enkele dagen voor zijn dood reist Cornelis Vreeswijk, die dan nog slechts veertig kilo weegt, voor de laatste keer naar Nederland om afscheid te nemen van zijn moeder.
Hij wordt vanaf het vliegtuig, begeleid door zijn in Zweden wonende zus, met een rolstoel naar een taxi gebracht die hem naar IJmuiden vervoert.
Drie dagen na zijn terugkeer in Zweden, op 12 november 1987 sterft hij berooid op vijftigjarige leeftijd in het ziekenhuis van Stockholm.



Grote Zweedse kranten als Aftonbladet en Expressen wijden speciale bijlagen aan de zanger en zijn begrafenis op het eigenlijk reeds jarenlang gesloten Katarina kerkhof, wegens zijn grote verdiensten voor Zweden wordt rechtstreeks uitgezonden op de televisie.
Sinds zijn dood is Cornelis Vreeswijk in Zweden populairder dan ooit, er zijn films gemaakt over zijn leven.
Jaarlijks vindt in Stockholm een Cornelis Vreeswijk festival plaats, waar bekende Zweedse artiesten liederen van hem ten gehore brengen.
Er zijn in Stockholm een park en een metrorijtuig naar hem vernoemd en er is een borstbeeld van hem te vinden.
In 2001 gingen de deuren open van het Cornelis Vreeswijk Sallskapet, een aan de zanger gewijd museum, waar je naast foto´s een fles Friese Beerenburg, ´s mans gitaar en zijn gouden pen vindt.