Een lekker deuntje tijdens het opereren. Dat is doodnormaal in Nederlandse operatiekamers. De belangrijkste motivaties: ontspanning, concentratie en het krijgen van energie.
52 procent van de chirurgen af aan naar muziek te luisteren tijdens operaties. 15 procent doet dat zelfs altijd; slechts 2 procent zet nooit de radio of een playlistje op. Volgens Brits onderzoek luisteren 8 op de 10 chirurgen tijdens operaties naar muziek, zodat ze zich beter kunnen concentreren.
Maar wat luisteren chirurgen dan als jij onder narcose bent? Aan hen werd een aantal genres voorgelegd, waarvan zij meerdere mochten kiezen. 45 chirurgen antwoordden en gaven een indicatie welke muziek populair is in de OK: pop.
2
Orthopedisch chirurg Taco Gosens van het St. Elisabeth ziekenhuis in Tilburg luistert tijdens operaties bij voorkeur naar Arrow Classic Rock. Maar als hij een eigen playlist aanzet, kiest hij voor Queen.
Soms zetten we met het team Don't Stop Me Now aan als we de operatiekamer opkomen. Dan denk ik: 'we gaan het doen'.
(Taco Gosens)
Concentratie
De muziek zorgt voor energie, maar helpt hem ook te concentreren, zegt Taco. "Bij mij gaat dat vooral met steviger muziek, zoals AC/DC. Tijdens operaties voer je veel gestandaardiseerde handelingen uit. Die muziek helpt je lekker in het ritme."
Casper van Eijk, chirurg in het Erasmus Ziekenhuis, luister het liefst naar The Counting Crows. "Ik draai die muziek thuis ook, dus voel ik me erdoor op mijn gemak. Operaties duren soms 6 tot 8 uur, vaak 's nachts, dus nummers als Richard Manuel is Dead en Perfect Blue Buildings zijn ook echt even opkikkers. Arbeidsvitaminen, zeg maar."
De zanger heeft een bepaalde gedrevenheid in zijn stem, die op me overslaat als ik opereer. Daardoor blijf ik geconcentreerd.
(Casper van Eijck)
Verzoekjes
Het scalpel snijdt overigens aan twee kanten. Niet alleen chirurgen, ook patiënten profiteren van deuntjes tijdens operaties. Peter van Dun, anesthesist in het St. Elisabeth ziekenhuis, is al jaren een grote aanjager van muziek in de operatiekamer. Volgens hem - en recent onderzoek - zorgt muziek ervoor dat patiënten kalm blijven voor de operatie.
Patiënten mogen dan ook altijd verzoeknummers aanvragen voordat ze onder het mes gaan. En dat levert gevarieerde verzoekjes op.
Een man die geopereerd moest worden, was erg nerveus. Ik vroeg hem waar hij rustig van werd en hij zei dat hij normaal een rondje door zijn koeienstal liep om te ontspannen. We hebben hem toen naar koeiengeluiden laten luisteren. Zijn bloeddruk werd lager, de stress nam af en hij ging vredig onder narcose.
(Peter van Dun)
maandag 19 januari 2015
zaterdag 17 januari 2015
In Alle Staten: Montana
De 51 Amerikaanse staten hebben ieder zo hun eigen favoriete en succesvolle artiest.
In de komende 51 afleveringen komen alle staten aan bod met een kort overzicht van de artiesten die, behalve er geboren zijn, zich het meest met die staat identificeerden. Bekende voorbeelden: Arkansas-Johnny Cash, Californië-Brian Wilson (Beach Boys), Georgia-Ray Charles en Texas-Buddy Holly.
Maar wie vertegenwoordigt Hawaii, Alaska, Florida of New York ?
In deze 27e aflevering:
Montana
Geen enkel belletje ging bij mij rinkelen bij Montana's celibrities: Nicolette Larson Philip Arlberg, Tim Ryan, Martha Raye... Jeff Ament even gegoogled:
Jeffrey Allen Ament (Havre (Montana), 10 maart 1963) is een Amerikaanse bassist en songwriter. Samen met Stone Gossard, Mike McCready en Eddie Vedder is hij de oprichter van de Amerikaanse grungeband Pearl Jam. Ament heeft ook een muzikaal verleden bij Green River, Mother Love Bone en Temple Of The Dog.
vrijdag 16 januari 2015
The Story of The Rolling Stones, deel 2
The Rolling Stones: de grootste rock & roll-band ter wereld met een lange geschiedenis.
Februari '63 ondertekent de groep een contract dat haar acht maanden werk oplevert in Giorgio Gomelsky's Crawdaddy Club in Richmond, Surrey. Twee maanden later trekt ze daar de aandacht van Andrew Loog Oldham. Op aanraden van Oldham verlaat Stewart de groep, omdat hij niet past in het rebellen-imago dat Oldham voor de groep heeft bedacht. Stewart is later wel vaak als pianist te horen op platen en tijdens concerten van de Stones. Oldham troont de groep mee naar Decca's A&R-man Dick Rowe, die het jaar daarvóór nog de vergissing van zijn leven maakt door The Beatles af te wijzen.
Op 7 juni '63 verschijnt op Decca de eerste officiële Rolling Stones-single Come On/I Want To Be Loved, in november gevolgd door I Wanna Be Your Man/Stoned. I Wanna Be Your Man zorgt voor de doorbraak; de Lennon/McCartney-compositie haalt de negende plaats in de Engelse Top 20. Eerder al is de groep op tv te zien in het programma Thank Your Lucky Stars. Eind september mag zij het voorprogramma verzorgen van de door Engeland toerende Everly Brothers, Little Richard en de door hen aanbeden Bo Diddley. De eerste Engelse Stones-tournee volgt in januari '64, ter ondersteuning waarvan een Ep met o.a. Chuck Berry's Bye Bye Johnny en het Coasters-nummer Poison Ivy. Turbulente tijden vangen aan wanneer via de media herhaaldelijk de consternatie en opschudding tijdens de Stones-concerten
worden gesignaleerd, en de Diddley-imitatie Not Fade Away bovendien een grote hit wordt. Hun voor die tijd zeer lange haar - tot net over de oren - geeft aanleiding tot krantenkoppen als 'de lelijkste en smerigste groep ter wereld' en hun - in de ogen van de gevestigde orde - subversieve gedrag wordt uitgelegd als anarchistisch en revolutionair.
Hoe opruiend de Stones, en hoe snel opgejut de Stones-fans zijn, ondervindt Nederland in augustus '64. Na Montreux (het Gouden Roos Festival in april) en de eerste korte Amerikaanse tournee (juni) staat de groep nog geen kwartier op het podium van het Scheveningse Kurhaus en de oprukkende politie kan al niet meer verhoeden dat het zaalmeubilair kort en klein wordt geslagen door een uitzinnige schare Stones-fans. De scheiding der geesten onder de popliefhebbers is daarna duidelijk: Beatles-liefhebbers zijn relatief netjes en aangepast, Stones-fans agressief, vies en brutaal.
Inmiddels is de eerste Lp van de groep uit The Rolling Stones met naast blues-, r&b- en rock & roll-covers ook de eerste Jagger/Richards-compositie, Tell Me. Voor de Amerikaanse markt krijgt de plaat een andere samenstelling dan voor het Engelse afzetgebied, waarmee de tamelijk ondoorzichtige Stones-discografie is geboren. In juli behaalt de groep de eerste nummer 1-hit in Engeland met het in juni uitgebrachte It's All Over Now. De opname ervan vindt, net als een deel van The Rolling Stones Vol. 2, plaats in de beroemde Ter Mar-studio van Chess Records, tot dan het domein van Stones-voorbeelden als Muddy Waters, Howlin' Wolf, Chuck Berry, Bo Diddley en Little Walter. Het jaar '64 wordt afgesloten met een tweede Amerikaanse tournee en de in die periode in de Chess-studio opgenomen hitsingle Little Red Rooster (origineel: Willie Dixon).
Februari '63 ondertekent de groep een contract dat haar acht maanden werk oplevert in Giorgio Gomelsky's Crawdaddy Club in Richmond, Surrey. Twee maanden later trekt ze daar de aandacht van Andrew Loog Oldham. Op aanraden van Oldham verlaat Stewart de groep, omdat hij niet past in het rebellen-imago dat Oldham voor de groep heeft bedacht. Stewart is later wel vaak als pianist te horen op platen en tijdens concerten van de Stones. Oldham troont de groep mee naar Decca's A&R-man Dick Rowe, die het jaar daarvóór nog de vergissing van zijn leven maakt door The Beatles af te wijzen.
Op 7 juni '63 verschijnt op Decca de eerste officiële Rolling Stones-single Come On/I Want To Be Loved, in november gevolgd door I Wanna Be Your Man/Stoned. I Wanna Be Your Man zorgt voor de doorbraak; de Lennon/McCartney-compositie haalt de negende plaats in de Engelse Top 20. Eerder al is de groep op tv te zien in het programma Thank Your Lucky Stars. Eind september mag zij het voorprogramma verzorgen van de door Engeland toerende Everly Brothers, Little Richard en de door hen aanbeden Bo Diddley. De eerste Engelse Stones-tournee volgt in januari '64, ter ondersteuning waarvan een Ep met o.a. Chuck Berry's Bye Bye Johnny en het Coasters-nummer Poison Ivy. Turbulente tijden vangen aan wanneer via de media herhaaldelijk de consternatie en opschudding tijdens de Stones-concerten
worden gesignaleerd, en de Diddley-imitatie Not Fade Away bovendien een grote hit wordt. Hun voor die tijd zeer lange haar - tot net over de oren - geeft aanleiding tot krantenkoppen als 'de lelijkste en smerigste groep ter wereld' en hun - in de ogen van de gevestigde orde - subversieve gedrag wordt uitgelegd als anarchistisch en revolutionair.
Hoe opruiend de Stones, en hoe snel opgejut de Stones-fans zijn, ondervindt Nederland in augustus '64. Na Montreux (het Gouden Roos Festival in april) en de eerste korte Amerikaanse tournee (juni) staat de groep nog geen kwartier op het podium van het Scheveningse Kurhaus en de oprukkende politie kan al niet meer verhoeden dat het zaalmeubilair kort en klein wordt geslagen door een uitzinnige schare Stones-fans. De scheiding der geesten onder de popliefhebbers is daarna duidelijk: Beatles-liefhebbers zijn relatief netjes en aangepast, Stones-fans agressief, vies en brutaal.
Inmiddels is de eerste Lp van de groep uit The Rolling Stones met naast blues-, r&b- en rock & roll-covers ook de eerste Jagger/Richards-compositie, Tell Me. Voor de Amerikaanse markt krijgt de plaat een andere samenstelling dan voor het Engelse afzetgebied, waarmee de tamelijk ondoorzichtige Stones-discografie is geboren. In juli behaalt de groep de eerste nummer 1-hit in Engeland met het in juni uitgebrachte It's All Over Now. De opname ervan vindt, net als een deel van The Rolling Stones Vol. 2, plaats in de beroemde Ter Mar-studio van Chess Records, tot dan het domein van Stones-voorbeelden als Muddy Waters, Howlin' Wolf, Chuck Berry, Bo Diddley en Little Walter. Het jaar '64 wordt afgesloten met een tweede Amerikaanse tournee en de in die periode in de Chess-studio opgenomen hitsingle Little Red Rooster (origineel: Willie Dixon).
woensdag 14 januari 2015
Rebètika
De rebètika zijn Griekse liederen, die aan het eind van de 19e eeuw ontstonden. Net als de blues kwamen ze voort uit de onderste lagen van de maatschappij. Terwijl Griekenland zich na de bevrijding van het Ottomaanse rijk meer en meer op het westen richtte, ook in muzikaal opzicht, bleven in havenkroegen, hasjkitten, gevangenissen en gewoon op straat de oosterse klanken van de rebètika te beluisteren. Soms spottend, soms melancholisch zingt de mangas, de rebètika-zanger bij uitstek, over de liefde, over het leven in de gevangenis, over muziek, over hasj en waterpijpen. Daarbij wordt hij natuurlijk begeleid door de bouzouki en de baglamás.
maandag 12 januari 2015
Simon & Garfunkel (deel 1)
Paul Simon wordt op 13 oktober 1941 in Newark, New Jersey geboren als zoon van een bassist in een radio-orkest — die later ook te zien is in televisie-shows en te horen op sessies voor rock-'n-roll platen — en een onderwijzeres. De familie Simon is Joods, maar doet nauwelijks aan georganiseerd religieus leven. Het gezin verhuist enkele jaren later naar een echte voorstad van New York, Forest Hills, waar ze een keurig huis van twee woonlagen betrekken in een brede straat met bomen langs de weg. De huizen in de straat zijn dusdanig identiek dat vader Simon nogal eens de verkeerde oprit kiest. In dezelfde buurt is op 5 november 1941 Art Garfunkel geboren als zoon van een verkoper van verpakkingen annex uitvinder en een secretaresse. Beide jongens groeien op in stabiele gezinnen.
Paul krijgt de muziek met de spreekwoordelijke paplepel ingegoten, Art luistert van jongs af veel naar de radio. Paul en Art gaan naar dezelfde lagere school, waar Art al op negenjarige leeftijd een succesvol zangdebuut maakt met een song van Nat King Cole. Art's ouders stimuleren de zang van hun zoon sterk; ze kopen zelfs een bandrecorder waarmee zijzelf en Art de vorderingen bijhouden. Paul doet er wat langer over; wellicht zijn de prestaties van vader Simon — in die tijd werkzaam als muziekdocent op een Teachers College en vaak te zien op de televisie — nog iets te intimiderend.
Wanneer Paul Simon tien jaar oud is, wordt er een auditie gehouden voor een productie van Alice In Wonderland. Die productie brengt Paul en Art voor het eerst samen: Art als de Cheshire Cat en Paul als de White Rabbit — overigens nog zonder connotaties van The Great Society c.q. Jefferson Airplane. Paul en Art zijn beiden introverte jongens. Op regenachtige avonden maken ze bandopnames van hun stemmen en hangen ze de amateur-deejay uit. De zang is het enige onderdeel dat Art echt bevalt. Uiteraard kiezen ze dezelfde High School, vlak bij huis, maar in een gribusbuurt. Als dertienjarige Joodse jongens komen ze voor Bar Mitzvah, het feest van "jonge volwassenen", te staan.
In 1954 worden Paul en Art meegesleept in de rock-'n-roll manie, vooral door de radio-show "Rock & Roll Party" van Alan "Moondog" Freed, een deejay die pure rock-'n-roll durft te draaien vermengd met zwarte rhythm and blues. Bij Freed worden de witgewassen cover-versies van Pat Boone en Georgia Gibbs geweerd en krijgen de luisteraars de zwarte originelen te horen. Veel indruk maakt ook Elvis Presley, wiens muziek voor Simon kennelijk de aanleiding vormt om gitaar te gaan spelen. In 1980 speelt Simon in de film One Trick Pony zichzelf als teenager, die zich realiseert dat hij nimmer Elvis kan zijn maar altijd een fascinatie voor de man zal blijven houden. Zowel Art als Paul zijn verslaafd aan rock-'n-roll, rhythm and blues en de zwarte vocale rock-'n-roll, doo-wop. Little Richard en Fats Domino zijn hun favorieten, maar minstens zo belangrijk zijn de nummers "Earth Angel" van de Penguins en "Pledging My Love" van Johnny Ace. De bezetenheid van het duo gaat zover dat ze hun eigen vorderingen steeds vergelijken met de opnames van hun favorieten.
Paul krijgt de muziek met de spreekwoordelijke paplepel ingegoten, Art luistert van jongs af veel naar de radio. Paul en Art gaan naar dezelfde lagere school, waar Art al op negenjarige leeftijd een succesvol zangdebuut maakt met een song van Nat King Cole. Art's ouders stimuleren de zang van hun zoon sterk; ze kopen zelfs een bandrecorder waarmee zijzelf en Art de vorderingen bijhouden. Paul doet er wat langer over; wellicht zijn de prestaties van vader Simon — in die tijd werkzaam als muziekdocent op een Teachers College en vaak te zien op de televisie — nog iets te intimiderend.
Wanneer Paul Simon tien jaar oud is, wordt er een auditie gehouden voor een productie van Alice In Wonderland. Die productie brengt Paul en Art voor het eerst samen: Art als de Cheshire Cat en Paul als de White Rabbit — overigens nog zonder connotaties van The Great Society c.q. Jefferson Airplane. Paul en Art zijn beiden introverte jongens. Op regenachtige avonden maken ze bandopnames van hun stemmen en hangen ze de amateur-deejay uit. De zang is het enige onderdeel dat Art echt bevalt. Uiteraard kiezen ze dezelfde High School, vlak bij huis, maar in een gribusbuurt. Als dertienjarige Joodse jongens komen ze voor Bar Mitzvah, het feest van "jonge volwassenen", te staan.
In 1954 worden Paul en Art meegesleept in de rock-'n-roll manie, vooral door de radio-show "Rock & Roll Party" van Alan "Moondog" Freed, een deejay die pure rock-'n-roll durft te draaien vermengd met zwarte rhythm and blues. Bij Freed worden de witgewassen cover-versies van Pat Boone en Georgia Gibbs geweerd en krijgen de luisteraars de zwarte originelen te horen. Veel indruk maakt ook Elvis Presley, wiens muziek voor Simon kennelijk de aanleiding vormt om gitaar te gaan spelen. In 1980 speelt Simon in de film One Trick Pony zichzelf als teenager, die zich realiseert dat hij nimmer Elvis kan zijn maar altijd een fascinatie voor de man zal blijven houden. Zowel Art als Paul zijn verslaafd aan rock-'n-roll, rhythm and blues en de zwarte vocale rock-'n-roll, doo-wop. Little Richard en Fats Domino zijn hun favorieten, maar minstens zo belangrijk zijn de nummers "Earth Angel" van de Penguins en "Pledging My Love" van Johnny Ace. De bezetenheid van het duo gaat zover dat ze hun eigen vorderingen steeds vergelijken met de opnames van hun favorieten.
zaterdag 10 januari 2015
Muzieksmaak
Muzieksmaak ontstaat voornamelijk tijdens de puberteit en verandert daarna meestal nauwelijks meer. Die smaak zegt iets over je persoonlijkheid.
‘Muziekprofessor’ Tom ter Bogt zocht uit of deze vooroordelen opgaan. Zijn er conclusies te trekken over het karakter van iemand op basis van zijn of haar muzieksmaak? Het antwoord is bevestigend. De muziek die je luistert, is een afspiegeling van je persoonlijkheid. Vertel me wat je luistert, en ik zeg je wie je bent.
Tom ter Bogt is niet de eerste die onderzoek gedaan heeft naar de relatie tussen muziek en persoonlijkheid. In de V.S. onderzochten psychologen eerder al de muzieksmaak van studenten. Uit beide onderzoeken blijkt dat muzieksmaak en karakter hand in hand gaan. Grofweg is muziek in te delen in vier of vijf categorieën. Dit zijn de categorieën die je ook tegenkomt in de muziek- en persoonlijkheidstest in de muziekspecial: Reflectief en Complex (jazz, blues, klassiek en folk), Intens en Rebels (rock, alternatieve muziek en heavy metal), Opgewekt en Conventioneel (pop, country, religieuze muziek) en tot slot Energiek en Ritmisch (rap/hiphop, soul/funk en dance/eletronische muziek).
Deze laatste categorie wordt soms in tweeën opgedeeld. Maar zijn vier of vijf categorieën niet een beetje weinig als je bedenkt hoeveel muziekgenres er zijn? Volgens Tom ter Bogt niet: ‘Iemand die van rock houdt, zal eerder geneigd zijn ook punk te waarderen dan R&B. Zo kun je de muziekstijlen groeperen. Op die manier kun je uiteindelijk uitkomen bij de vier of vijf hoofdstromen.’
Tijdens concerten ervaart Jimi Hendrix z'n lichaam anders. Door drugs? Door de muziek? Of door z'n gitaar?
Om de persoonlijkheid van mensen te evalueren maakte Ter Bogt en zijn Amerikaanse collega’s gebruik van de ‘Big Five’. De ‘Big Five’ is een van verschillende manieren in de psychologie om persoonlijkheden te ordenen. Mensen kunnen hoog of laag scoren op een van de dimensies van de ‘Big Five’. Elk mens is ofwel meer of minder neurotisch of stabiel; extravert of introvert; open voor nieuwe ervaringen of juist niet; een aardig mens of onaardig; heel precies of slordig.
Ter Bogt: ‘De categorieën zijn relatief onafhankelijk van elkaar. Dat is belangrijk. Ieder mens zit hoog of laag op verschillende eigenschappen en op basis van hoe eenieder op de categorieën scoort, kun je een profiel opmaken. Bij ieder van die dimensies horen subkenmerken. Als je aardig bent, ben je hulpvaardig en hoffelijk. Ben je neurotisch en angstig, dan ben je vaak ook bang en heb je de neiging dingen somber te bekijken. Zo kun je iedere eigenschap onderverdelen in een van de categorieën.’
Een van de favoriete experimenten van de parapsychologie: de Ganzfeldproef. Bij het experiment worden de zintuigen van een proefpersoon 'uitgeschakeld' door halve pingpongballen op de ogen te plaatsen en ruis op een koptelefoon te laten horen. Proefpersonen zouden zo gevoeliger zijn voor buitenzintuiglijke waarneming.
En wat blijkt nu? De persoonlijkheidscategorieën zijn te koppelen aan de muzikale categorieën. Mensen die een voorkeur hebben voor muziek uit de categorie Reflectief en Complex of Intens en Rebels scoren hoog op openheid voor nieuwe ervaringen. Kort door de bocht: een rocker gaat eerder bungeejumpen dan de doorsnee top-40 luisteraar.
Energieke en ritmische muziekfans zijn extravert en aardig, en mensen die van opgewekte en conventionele muziek houden zijn extravert, aardig en ook nog zorgvuldig. Ter Bogt licht toe: ‘Concreter vertaald betekent dit dat metalliefhebbers open staan om nieuwe dingen te proberen en wat slordig zijn, en dat pop- en urbanliefhebbers aardig en sociaal zijn. Een fan van jazz of klassieke muziek is eerder neurotisch, open van geest en erg precies.’

Muzieksmaak ontstaat voornamelijk tijdens de adolescentie. De voorkeur die je dan ontwikkelt, laat je waarschijnlijk je hele leven niet meer echt los. ‘In de vroege adolescentie speelt conformisme een belangrijke rol. Je vriendenkring op de middelbare school is heel belangrijk. Je zoekt gelijken, en als je die gevonden hebt, versterk je elkaars voorkeuren, niet in de laatste plaats elkaars muziekvoorkeuren. Als je ouder wordt, wordt dat een minder belangrijk motief.’ Mensen ontwikkelen zich daarna zeker, zowel op persoonlijk als muzikaal gebied, maar radicale veranderingen komen weinig voor.
‘Naarmate je ouder wordt, wordt je muzieksmaak dieper, en diverser en krijgen mensen meer aandacht voor complexe muziek. Dit alles gebeurt wel binnen dezelfde categorie.’ Het scala aan muziek dat elke categorie vertegenwoordigt, is dus breed genoeg om zowel de toegankelijke als de wat complexere muziek te herbergen. Die breedte is ook waarom de emotionele gesteldheid niet bepalend is voor de muzieksmaak, maar wel voor de muziek die iemand in een bepaalde situatie zal kiezen. ‘Een teneergeslagen hiphopfan zal binnen het genre van zijn voorkeur iets kiezen dat troostend werkt, net zoals de rockfan dat binnen zijn of haar genre zal doen. Het doel is hetzelfde maar het middel verschilt. De genres zijn breed genoeg om alle doelen te vervullen.’
Maar hoe zit het dan met mensen die op zaterdagavond staan te raven op een technofeest en de volgende dag tijdens het diner Radio 4 aanzetten om te genieten van een sonate Beethoven? Zijn dit totale buitenbeentjes? ‘Dit soort mensen zijn er inderdaad,’ geeft Ter Bogt toe. ‘Je zou kunnen zeggen dat zij tot de groep omnivoren behoren. Deze mensen zijn geen combinatie van twee groepen, maar vormen eerder een aparte, eigen groep met eigen persoonlijkheidseigenschappen.’
Muzieksmaak wordt gevormd door verschillende factoren. Of je rijk of arm geboren bent, op het platteland woont of in de Randstad, of een jongen of meisje bent, het heeft allemaal invloed op je voorkeuren. Een opmerkelijk feit dat uit onderzoek naar muzieksmaak blijkt, is dat de neiging van jongeren om zich af te zetten tegen de voorkeuren van hun ouders vaak overschat wordt, vertelt Ter Bogt ons.
‘Conflicten tussen pubers en hun ouders gaan vaak over alledaagse kleine dingen, maar over het algemeen kunnen ze het goed met elkaar vinden. Als de ouders niet van jazz houden, dan doen de kinderen dat waarschijnlijk ook niet. Opmerkelijk is verder dat er aanwijzingen zijn dat meisjes over het algemeen wat gevoeliger voor de smaak van hun ouders zijn dan jongens. Misschien komt dit omdat de pubertijd bij jongens over het algemeen iets meer met zich meebrengt dat ze onafhankelijk van hun ouders opereren. Meisjes blijven waarschijnlijk gevoeliger voor input van ouders.’
‘Muziekprofessor’ Tom ter Bogt zocht uit of deze vooroordelen opgaan. Zijn er conclusies te trekken over het karakter van iemand op basis van zijn of haar muzieksmaak? Het antwoord is bevestigend. De muziek die je luistert, is een afspiegeling van je persoonlijkheid. Vertel me wat je luistert, en ik zeg je wie je bent.
Tom ter Bogt is niet de eerste die onderzoek gedaan heeft naar de relatie tussen muziek en persoonlijkheid. In de V.S. onderzochten psychologen eerder al de muzieksmaak van studenten. Uit beide onderzoeken blijkt dat muzieksmaak en karakter hand in hand gaan. Grofweg is muziek in te delen in vier of vijf categorieën. Dit zijn de categorieën die je ook tegenkomt in de muziek- en persoonlijkheidstest in de muziekspecial: Reflectief en Complex (jazz, blues, klassiek en folk), Intens en Rebels (rock, alternatieve muziek en heavy metal), Opgewekt en Conventioneel (pop, country, religieuze muziek) en tot slot Energiek en Ritmisch (rap/hiphop, soul/funk en dance/eletronische muziek).
Deze laatste categorie wordt soms in tweeën opgedeeld. Maar zijn vier of vijf categorieën niet een beetje weinig als je bedenkt hoeveel muziekgenres er zijn? Volgens Tom ter Bogt niet: ‘Iemand die van rock houdt, zal eerder geneigd zijn ook punk te waarderen dan R&B. Zo kun je de muziekstijlen groeperen. Op die manier kun je uiteindelijk uitkomen bij de vier of vijf hoofdstromen.’
Tijdens concerten ervaart Jimi Hendrix z'n lichaam anders. Door drugs? Door de muziek? Of door z'n gitaar?
Om de persoonlijkheid van mensen te evalueren maakte Ter Bogt en zijn Amerikaanse collega’s gebruik van de ‘Big Five’. De ‘Big Five’ is een van verschillende manieren in de psychologie om persoonlijkheden te ordenen. Mensen kunnen hoog of laag scoren op een van de dimensies van de ‘Big Five’. Elk mens is ofwel meer of minder neurotisch of stabiel; extravert of introvert; open voor nieuwe ervaringen of juist niet; een aardig mens of onaardig; heel precies of slordig.
Ter Bogt: ‘De categorieën zijn relatief onafhankelijk van elkaar. Dat is belangrijk. Ieder mens zit hoog of laag op verschillende eigenschappen en op basis van hoe eenieder op de categorieën scoort, kun je een profiel opmaken. Bij ieder van die dimensies horen subkenmerken. Als je aardig bent, ben je hulpvaardig en hoffelijk. Ben je neurotisch en angstig, dan ben je vaak ook bang en heb je de neiging dingen somber te bekijken. Zo kun je iedere eigenschap onderverdelen in een van de categorieën.’
Een van de favoriete experimenten van de parapsychologie: de Ganzfeldproef. Bij het experiment worden de zintuigen van een proefpersoon 'uitgeschakeld' door halve pingpongballen op de ogen te plaatsen en ruis op een koptelefoon te laten horen. Proefpersonen zouden zo gevoeliger zijn voor buitenzintuiglijke waarneming.
En wat blijkt nu? De persoonlijkheidscategorieën zijn te koppelen aan de muzikale categorieën. Mensen die een voorkeur hebben voor muziek uit de categorie Reflectief en Complex of Intens en Rebels scoren hoog op openheid voor nieuwe ervaringen. Kort door de bocht: een rocker gaat eerder bungeejumpen dan de doorsnee top-40 luisteraar.
Energieke en ritmische muziekfans zijn extravert en aardig, en mensen die van opgewekte en conventionele muziek houden zijn extravert, aardig en ook nog zorgvuldig. Ter Bogt licht toe: ‘Concreter vertaald betekent dit dat metalliefhebbers open staan om nieuwe dingen te proberen en wat slordig zijn, en dat pop- en urbanliefhebbers aardig en sociaal zijn. Een fan van jazz of klassieke muziek is eerder neurotisch, open van geest en erg precies.’
Muzieksmaak ontstaat voornamelijk tijdens de adolescentie. De voorkeur die je dan ontwikkelt, laat je waarschijnlijk je hele leven niet meer echt los. ‘In de vroege adolescentie speelt conformisme een belangrijke rol. Je vriendenkring op de middelbare school is heel belangrijk. Je zoekt gelijken, en als je die gevonden hebt, versterk je elkaars voorkeuren, niet in de laatste plaats elkaars muziekvoorkeuren. Als je ouder wordt, wordt dat een minder belangrijk motief.’ Mensen ontwikkelen zich daarna zeker, zowel op persoonlijk als muzikaal gebied, maar radicale veranderingen komen weinig voor.
‘Naarmate je ouder wordt, wordt je muzieksmaak dieper, en diverser en krijgen mensen meer aandacht voor complexe muziek. Dit alles gebeurt wel binnen dezelfde categorie.’ Het scala aan muziek dat elke categorie vertegenwoordigt, is dus breed genoeg om zowel de toegankelijke als de wat complexere muziek te herbergen. Die breedte is ook waarom de emotionele gesteldheid niet bepalend is voor de muzieksmaak, maar wel voor de muziek die iemand in een bepaalde situatie zal kiezen. ‘Een teneergeslagen hiphopfan zal binnen het genre van zijn voorkeur iets kiezen dat troostend werkt, net zoals de rockfan dat binnen zijn of haar genre zal doen. Het doel is hetzelfde maar het middel verschilt. De genres zijn breed genoeg om alle doelen te vervullen.’
Maar hoe zit het dan met mensen die op zaterdagavond staan te raven op een technofeest en de volgende dag tijdens het diner Radio 4 aanzetten om te genieten van een sonate Beethoven? Zijn dit totale buitenbeentjes? ‘Dit soort mensen zijn er inderdaad,’ geeft Ter Bogt toe. ‘Je zou kunnen zeggen dat zij tot de groep omnivoren behoren. Deze mensen zijn geen combinatie van twee groepen, maar vormen eerder een aparte, eigen groep met eigen persoonlijkheidseigenschappen.’
Muzieksmaak wordt gevormd door verschillende factoren. Of je rijk of arm geboren bent, op het platteland woont of in de Randstad, of een jongen of meisje bent, het heeft allemaal invloed op je voorkeuren. Een opmerkelijk feit dat uit onderzoek naar muzieksmaak blijkt, is dat de neiging van jongeren om zich af te zetten tegen de voorkeuren van hun ouders vaak overschat wordt, vertelt Ter Bogt ons.
‘Conflicten tussen pubers en hun ouders gaan vaak over alledaagse kleine dingen, maar over het algemeen kunnen ze het goed met elkaar vinden. Als de ouders niet van jazz houden, dan doen de kinderen dat waarschijnlijk ook niet. Opmerkelijk is verder dat er aanwijzingen zijn dat meisjes over het algemeen wat gevoeliger voor de smaak van hun ouders zijn dan jongens. Misschien komt dit omdat de pubertijd bij jongens over het algemeen iets meer met zich meebrengt dat ze onafhankelijk van hun ouders opereren. Meisjes blijven waarschijnlijk gevoeliger voor input van ouders.’
donderdag 8 januari 2015
I.M. Elvis Presley
Op 8 januari 1935 wordt Elvis Presley geboren. Hij is er een van een tweeling. Zijn broertje sterft direct na de geboorte. De kleine Elvis vindt het prachtig gospelsongs mee te zingen in de kerk. Hij speelt graag gitaar. Hij wint als 10-jarig kereltje de tweede prijs (vijf dollar) tijdens de jaarlijkse talentenjacht met de smartlap 'Old Shep'.
Aan het einde van de zomer van 1948 vertrekt de familie Presley naar Memphis in de hoop een nieuwe toekomst op te bouwen. Elvis gaat naar de Humes Junior High. Hij is een onopvallende, middelmatige leerling die ervan droomt zanger en acteur te worden. In 1954 stapt hij de studio van Sam Phillips binnen om voor $4 een plaatopname te maken. Net als zovelen wil Elvis 'ontdekt' worden. Bij wijze van grap speelt Elvis 'That's allright mama' van Arthur Crudup. Phillips is laaiend enthousiast. Het nummer wordt een redelijk grote, maar lokale hit.
Direct gaat Elvis optreden en merkt wat voor uitwerking zijn spontane schokkende bewegingen op zijn jonge publiek hebben. Hele horden welopgevoede jonge grietjes, die zich letterlijk de haren uit het hoofd trekken van hysterie, bestormen het podium als Elvis staat te heupwiegen en te schouderschokken.
'Colonel' Tom Parker Parker ziet brood in Elvis en wordt eind '55 zijn manager. Het eerst dat Parker regelt is het afkopen van het Sun-contract door platenmaatschappij RCA Victor. Rond zijn 21e verjaardag stapt Elvis de RCA-studio in Nashville binnen en neemt vijf songs op, waaronder 'Heartbreak Hotel.' Het wordt een wereldhit.
De filmbonzen bieden Elvis een contract aan. Hij speelt in 'Love Me Tender', 'Jailhouse Rock' en 'King Creole', stuk voor stuk kassuccessen. Op 24 maart 1958 haalt 'Uncle Sam' Elvis binnen zijn gelederen. Gladys, Elvis' moeder sterft in augustus van dat jaar. Elvis is ontroostbaar. Na het beëindigen van zijn dienstplicht neemt Elvis tal van nieuwe nummers op, die alle de hoogste regionen van de hitlijsten bereiken. In de jaren daarna is Elvis te zien in een dertigtal middelmatige, maar winstgevende film-musicals.
Op 1 mei 1967 trouwt hij met Priscilla Beaulieu en op 1 februari 1968 wordt zijn enige kind, Lisa Marie, geboren. In de 'Come Back'-special in 1968 bewijst Elvis de enige echte koning van de rock & roll te zijn. Hij zweert nooit meer een nummer te zingen of in een film te spelen waar hij niet achter staat.
Elvis gaat weer op toernee ("Ik miste het contact met het publiek.") en treedt op voor volle zalen. In 1973 ruilt Priscilla Elvis in voor haar karateleraar Mike Stone. Elvis is verbijsterd en grijpt naar verdovende middelen. Na de scheiding die Elvis maar niet kan verkroppen, gaat het snel bergafwaarts met Presley. Hij verzwelgt pillen als Smarties en op 16 augustus 1977 sterft hij 'aan een onregelmatighe hartslag met hartstilstand als gevolg'.
Aan het einde van de zomer van 1948 vertrekt de familie Presley naar Memphis in de hoop een nieuwe toekomst op te bouwen. Elvis gaat naar de Humes Junior High. Hij is een onopvallende, middelmatige leerling die ervan droomt zanger en acteur te worden. In 1954 stapt hij de studio van Sam Phillips binnen om voor $4 een plaatopname te maken. Net als zovelen wil Elvis 'ontdekt' worden. Bij wijze van grap speelt Elvis 'That's allright mama' van Arthur Crudup. Phillips is laaiend enthousiast. Het nummer wordt een redelijk grote, maar lokale hit.
Direct gaat Elvis optreden en merkt wat voor uitwerking zijn spontane schokkende bewegingen op zijn jonge publiek hebben. Hele horden welopgevoede jonge grietjes, die zich letterlijk de haren uit het hoofd trekken van hysterie, bestormen het podium als Elvis staat te heupwiegen en te schouderschokken.
'Colonel' Tom Parker Parker ziet brood in Elvis en wordt eind '55 zijn manager. Het eerst dat Parker regelt is het afkopen van het Sun-contract door platenmaatschappij RCA Victor. Rond zijn 21e verjaardag stapt Elvis de RCA-studio in Nashville binnen en neemt vijf songs op, waaronder 'Heartbreak Hotel.' Het wordt een wereldhit.
De filmbonzen bieden Elvis een contract aan. Hij speelt in 'Love Me Tender', 'Jailhouse Rock' en 'King Creole', stuk voor stuk kassuccessen. Op 24 maart 1958 haalt 'Uncle Sam' Elvis binnen zijn gelederen. Gladys, Elvis' moeder sterft in augustus van dat jaar. Elvis is ontroostbaar. Na het beëindigen van zijn dienstplicht neemt Elvis tal van nieuwe nummers op, die alle de hoogste regionen van de hitlijsten bereiken. In de jaren daarna is Elvis te zien in een dertigtal middelmatige, maar winstgevende film-musicals.
Op 1 mei 1967 trouwt hij met Priscilla Beaulieu en op 1 februari 1968 wordt zijn enige kind, Lisa Marie, geboren. In de 'Come Back'-special in 1968 bewijst Elvis de enige echte koning van de rock & roll te zijn. Hij zweert nooit meer een nummer te zingen of in een film te spelen waar hij niet achter staat.
Elvis gaat weer op toernee ("Ik miste het contact met het publiek.") en treedt op voor volle zalen. In 1973 ruilt Priscilla Elvis in voor haar karateleraar Mike Stone. Elvis is verbijsterd en grijpt naar verdovende middelen. Na de scheiding die Elvis maar niet kan verkroppen, gaat het snel bergafwaarts met Presley. Hij verzwelgt pillen als Smarties en op 16 augustus 1977 sterft hij 'aan een onregelmatighe hartslag met hartstilstand als gevolg'.
dinsdag 6 januari 2015
Roy Orbison (2)
In 1973 werd zijn contract bij M.G.M. ontbonden. Een jaar later tekende hij bij Mercury Records en nam daar het album "I'm Still In Love With You" op. Niet alleen was dit album onder de artistieke maat vergeleken bij zijn vroegere werk, muzikaal gezien verraste Roy de luisteraar niet meer met de vocale hoogstandjes die hem zijn bijnaam "The Big O" hadden opgeleverd. In 1977 tekende Orbison opnieuw bij Monument Records en nam het album "Regeneration" op. Dit album was beter dan het voorgaande maar kon ook niet de vergelijking doorstaan met zijn vroegere werk. Een tweede album was af (nooit uitgebracht) toen Roy hartklachten kreeg nadat hij had opgetreden in een show ter nagedachtenis aan Elvis Presley, die kort daarvoor was overleden. Hij onderging een hartoperatie en kreeg 3 by-passes.
Kort daarna verliet Orbison Monument Records. In 1979 tekende hij bij Aslyum Records en bracht daar het album "Laminar Flow" uit. Het album bevatte matige disco-achtige liedjes met uitzondering van "Poor Baby" en "Hounddog Man". Ondertussen was er achter de schermen iets op gang gekomen, want Roy was dan wel niet meer een succesvol platenartiest, zijn werk uit de zestiger jaren had echter wel zijn sporen nagelaten bij jongere collega's. Linda Rondstadt nam "Blue Bayou" op (1977), Don McLean "Crying" (1980) en Van Halen "Oh, Pretty Woman" (1981) en allen scoorden zij daarmee grote hits. Zelf scoorde Roy samen met Emmylou Harris in 1980 eindelijk weer een hit met "That Loving You Feeling Again". Het werd beloond met een Grammy Award, zijn eerste.
Vanaf die tijd begon Roy aan een comeback te werken en kwam hij meer en meer in de spotlights te staan. Zo stond hij in het begin van de jaren tachtig in het voorprogramma van "The Eagles" en liet zich daardoor aan een groter en jonger publiek zien. In 1983 verscheen hij op televisie door een concert te geven onder de naam "Roy Orbison live in Austin City Limits Texas" In 1985 trad hij op bij "Farm Aid" en bracht hij een nieuwe single uit, "Wild Hearts". Het was een ballad die een ouderwets goede Orbison liet horen. Het grote publiek merkte deze song echter niet op. Ook maakte hij dat jaar een album met zijn oude Sun-maatjes Jerry Lee Lewis, Carl Perkins en Johnny Cash. Het album heette "The Class of '55". In 1986 werd het nummer "In Dreams" gebruikt in de cultfilm "Blue Velvet", geregisseerd door David Lynch. Hierdoor kwam Orbison onder de aandacht van een jong publiek. Velen wilden weten wie de zanger van "In Dreams" was en ontdekte daardoor de muziek die Orbison tot dan gemaakt had. In 1987 nam Roy samen met k.d. lang "Crying" opnieuw op als een duet. Het nummer werd in Amerika een hit en het leverde hem opnieuw een Grammy Award op. In hetzelfde jaar werd hij opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame dat een jaar eerder in het leven was geroepen. Daarmee werd de status van Roy Orbison als belangrijke pionier en vernieuwer van de Rock-'n-Roll officieel bevestigd en erkend door de muziekindustrie.
In datzelfde jaar nam hij een televisiespecial op waarvan de zwart-witvideo Roy Orbison and Friends, A Black and White Night uitkwam. In deze show bracht Roy al zijn grote hits, inclusief twee nummers van zijn dan nog nieuw uit te komen album, ten gehore. Hij werd omringd door gastmuzikanten als Bruce Springsteen, Elvis Costello, Bonnie Raitt, Tom Waits, Jennifer Warnes, k.d. lang, Jackson Browne, J.D. Souther en James Burton (ex-gitarist van Elvis Presley). Roy was eindelijk terug aan de top en maakte dat nog eens duidelijk door in 1988 deel uit te maken van de supergroep The Traveling Wilburys waarvan Bob Dylan, George Harrison, Jeff Lynne en Tom Petty ook deel uitmaakten. Het debuutalbum heette Traveling Wilburys Vol. 1, waarvan wereldwijd miljoenen exemplaren verkocht werden. Op het moment dat de single "Handle With Care" van het laatst genoemde album en het album zelf hoog in de hitlijsten stonden en de voorbereidingen voor het uitbrengen van Orbisons soloalbum "Mystery Girl" en de daarbij behorende wereldtournee in volle gang waren, overleed Orbison op 6 december 1988 plotseling aan een hartstilstand bij zijn moeder thuis in Hendersonville, een voorstadje van Nashville.
Zijn nieuwe album werd in januari 1989 postuum uitgebracht onder het Virgin-label. De single "You Got It" werd een wereldwijde hit. De enige keer dat Orbison You Got It voor een publiek zong was drie weken voor zijn dood op het Diamond Awards Festival in het Sportpaleis in Antwerpen waar hij een "Diamond Award" kreeg omdat hij 25 jaar tot de "top of the bill" behoorde. De opnames van dat optreden werden gebruikt voor de videoclip van "You Got It". De tweede single "She's A Mystery Girl" werd ook een hit. Dit nummer werd voor Orbison geschreven door Bono en Edge van U2. In 1992, vier jaar na zijn dood, werd het nummer "I drove All Night" een hit in Engeland en bereikte daar de 7e plaats. De opvolger Crying (duet met k.d. lang) haalde in datzelfde jaar de 13e positie. Roy Orbison was, in tegenstelling tot veel van zijn tijdgenoten, helemaal terug aan de top toen hij stierf en keek vooruit naar nieuwe dingen en niet terug op oude vergane glorie. Vandaag de dag wordt hij door velen in de muziekbusiness erkend als een van de grootste artiesten die de rock-'n-roll heeft voortgebracht. Zijn platen blijven goed verkopen en zijn in aantal de 100 miljoen ruim gepasseerd. Hij is een voorbeeld en inspiratie voor vele artiesten en dat voor iemand waartegen producer Jack Clement (Sun Records) ooit zei; "Roy, you're never gonna make it as a balladsinger"
zaterdag 3 januari 2015
The House of the Rising Sun...reprise
Na ons artikel van 5 maart 2012 kwam er nog een korte reactie en aanvulling.
Bij hun grootste hit "The House Of The Rising Sun" uit 1964 waren de Animals gelukkig wel zo eerlijk om er traditional achter te zetten in plaats van hun eigen naam. De oorsprong van het lied gaat dan ook tot ergens in de 19e eeuw terug. Hier een oude versie van Lead Belly uit de dertiger jaren."
Bij hun grootste hit "The House Of The Rising Sun" uit 1964 waren de Animals gelukkig wel zo eerlijk om er traditional achter te zetten in plaats van hun eigen naam. De oorsprong van het lied gaat dan ook tot ergens in de 19e eeuw terug. Hier een oude versie van Lead Belly uit de dertiger jaren."
donderdag 1 januari 2015
De 31-toonsgitaar
Voor de liefhebber: een 20 minuten durende documentaire over de 31-toonsgitaar.
Vanaf 9:54 ook met panfluit !
Abonneren op:
Posts (Atom)