De 51 Amerikaanse staten hebben ieder zo hun eigen favoriete en succesvolle artiest.
In de komende 51 afleveringen komen alle staten aan bod met een kort overzicht van de artiesten die, behalve er geboren zijn, zich het meest met die staat identificeerden. Bekende voorbeelden: Arkansas-Johnny Cash, Californië-Brian Wilson (Beach Boys), Georgia-Ray Charles en Texas-Buddy Holly.
Maar wie vertegenwoordigt Hawaii, Alaska, Florida of New York ?
In deze 16e aflevering:
Iowa
Bix Beiderbecke wordt genoemd als een van de belangrijkste muziek vertegenwoordigers van Iowa. Maar deze jazz muzikant uit de eerste helft van de 20ste eeuw speelde met veel succes met name buiten Iowa.
Nog beroemder: Andy Williams ("Moon River", "It's the most wonderful time of the Year") en Glenn Miller.
Werd Hound Dog door Elvis Presley voor het eerst op de plaat gezet ? Natuurlijk niet !
5 Jaar eerder deed Big Mama Thornton als eerste een poging om dit nummer tot een succes te maken.
Roy Orbison (the Caruso van de Pop, zoals Bob Dylan hem typeerde) is nu al geruime tijd dood. Hij was qua repertoire, verschijning en levenslot de Absolute Vorst van het Gebroken Hart: al op het moment dat hij meende dat een vrouw hem even streelde als teken dat ze voortaan misschien wel iets om hem zou gaan geven, wist hij dat ze er met een ander vandoor zou gaan (in veel gevallen een van zijn beste vrienden) en dan bezong hij die pijn in veel toonhoogten als geen ander.
Zijn mooiste album is zijn laatste waaraan ook Costello en Springsteen hebben meegewerkt. Costello vervaardigde het nummer Comedians waarin bezongen wordt dat zo’n vriendin ’s avonds laat met een andere man hand in hand de kermis verlaat, terwijl hij, noodgedwongen in de hoogste gondel van het ineens onklaar geraakte reuzenrad gezeten, machteloos moet toezien. Tja, kitscheriger kan het moeilijk, zou je zeggen, en zo bezien is het misschien wel een pastiche op Roy’s oeuvre. Een aanrader, zeker voor degenen die Roy niet meer kennen of al lang vergeten zijn. (Let dan ook op de respectvolle, maar toch ook haast satanisch aandoende inzet waarmee Costello hem begeleidt.)
In de stortvloed van cd’s die we in de aanloop naar de Kerstperiode elk jaar weer over ons heen krijgen dreigt er menig fijn plaatje ten onder te gaan. Alle aandacht gaat naar de grote kleppers of nieuwe beloftevolle debutanten. Wie kijkt dan nog om naar een tribute voor haast vergeten bluesmuzikanten?
Ik heb het over Things About Coming My Way, A tribute to the music of The Mississippi Sheiks op het label Black Hen Records.
“The Mississippi wie?” hoor ik u denken. Daarom eerst een brokje geschiedenis.
de sheiks door Robert Crumb
The Mississippi Sheiks
In ons collectieve geheugen roept het woord blues twee beelden op: een eenzame zwarte gitarist met een akoestische gitaar, of een zwetende even zwarte man met een elektrische gitaar in een rokerige club. Toch is iemand als Robert Johnson – zowat het archetype van de akoestische blues – gestorven als een onbekende, terwijl de eens zo populaire Mississippi Sheiks nu zo goed als vergeten zijn.
De stringband, met gitaren, fiddles, bas en en mandolines of banjo’s gaat terug tot de negentiende eeuw. In het landelijke Amerika waren ze de enige bron van dansmuziek. Deze bands hadden allemaal een gelijkaardig repertoire, of de muzikanten nu zwart of blank waren. Ze speelden zowel walsen als polka’s, volksliedjes, blues en andere populaire melodietjes.
Aan het begin van de vorige eeuw was een van de populairste stringbands in Jackson, Mississipppi die van Ezell Chatmon. Hij werd begeleid door zijn vele zonen en andere familieleden. Sommigen daarvan groeiden later uit tot grote bluesmannen. Charlie Patton was bijvoorbeeld zijn halfbroer en Peter Chatman raakte bekend als Memphis Slim.
De Chatmons opereerden onder diverse namen: Walter Jacobs And The Carter Brothers, The Chatman Brothers, The Mississippi Mud Steppers, The Mississippi Blacksnakes en, vanaf 1926, The Mississippi Sheiks. Die naam ontleenden ze aan de in die periode populaire film The Sheik, met Rudolph Valentino.
De kern van de groep bestond tegen die tijd uit de fiddler Lonnie Chatmon en gitarist Walter Vinscon. De gitaristen Bo en Sam Chatmon hadden daarnaast ook succesvolle solo carrières en konden daarom niet altijd aanwezig zijn.
Dat was ook zo tijdens de eerste opnamesessie van de familie Chatmon. Die sessie voor het platenlabel Okeh, vond plaats op 17 februari 1930 in Shreveport, Louisiana. Walter zong, zichzelf begeleidend met zijn gitaarspel, terwijl Lonnie de fiddle beroerde. Onder de pseudoniemen Walter Jacobs en Lonnie Carter legden ze een aantal nummers vast, waaronder ‘The Jazz Filddler’, ‘World Gone Wrong’ en ‘Sittin’ On Top Of The World’. Sittin’ On Top Of The World
Dat laatste nummer sloeg onmiddellijk aan. Over de gehele Verenigde Staten gingen er meer dan een miljoen exemplaren van het achtenzeventig toeren plaatje van de hand. De opvolger ‘Stop And Listen’ deed het bijna even goed. The Mississippi Sheiks groeiden uit tot een ontzettend populaire band, met vele imitatoren.
In het boekje bij Heritage, een cd van de retro string band Carolina Chocolate Drops schrijft Dom Flemmons: “Van ‘Sitting on Top of the World’ wordt verteld dat het het favoriete nummer was van Bonnie en Clyde. Het werd ook geregeld uitgevoerd tijdens grote bijeenkomsten van de mafia. De Sheiks zelf beweerden later dat ze het ooit zongen op verzoek van Al Capone.”
Alles samen hebben ze zo’n zeventig nummers op band gezet, in diverse genres.
Maar de depressie maakte komaf met een en ander. Vanaf 1933 ging het succes achteruit en na een laatste sessie in 1935 trokken de mannen terug naar hun boerderijen.
De herkomst
Walter Vinson beweerde dat hij ‘Sitting on Top of the World’ schreef de ochtend nadat ze hadden opgetreden op een danspartij voor blanken in Greenwood, Mississippi. De melodie had hij echter zo goed als zeker geleend van Tommy Johnson’s ‘Big Road Blues’ uit 1928. Victor Records, die het copyright op ‘Big Road Blues’ hadden, kloegen OKeh Records aan en de zaak werd in der minne geregeld.
Overigens gebruikte Robert Johnson het statige ritme en de melodie van het nummer van The Sheiks voor zijn eigen ‘Come On In My Kitchen’, terwijl Charlie Patton er ‘Some Happy Day’ van maakte en Tampa Red ‘Things About Coming My Way’. Anderzijds kunnen al deze songs ook worden terug gelinkt aan ‘How Long, How Long’ van Leroy Carr & Scrapper Blackwell, een dikke blueshit uit 1928.
The Rolling Stones hebben woensdag 12 maart op de eigen smartphone-app onthuld dat er in juni een concert wordt gegeven op het festival in Landgraaf.
"The Rolling Stones hebben vandaag aangekondigd dat ze de hoofdact zullen zijn op Pinkpop Festival in Nederland op zaterdag 7 juni en op het TW (Werchter) Classic Festival in België op zaterdag 28 juni", schrijft de band. De shows maken deel uit van de '14 ON FIRE'-tour.
Momenteel tourt de band van Mick Jagger, Keith Richards, Ronnie Wood en Charlie Watts door Azië.
Naast The Rolling Stones zal ook de Britse band Editors een optreden geven op Pinkpop. Eerder werden Metallica, Arcade Fire, Stromae, Robert Plant, Bastille, Ed Sheeran, Mastodon, Avenged Sevenfold en Rudimental bevestigd.
Pinkpop wordt dit jaar gehouden op 7, 8 en 9 juni. Woensdag is de perspresentatie in de Amsterdamse poptempel Paradiso.
"In ben dol op festivals in de zomer en ik kan niet wachten tot we naar Europa gaan", aldus frontman Mick Jagger. Het is de eerste keer dat de legendarische band op het Limburgse festival speelt.
Volgens festivalorganisator Jan Smeets is het echter nog wachten op de officiële bevestiging van het management van de band. "Ik wacht nog op het telefoontje. Op de website van de Rolling Stones staat nog niets, dus dit maakt het wat verwarrender."
Keith Richards laat via de app weten: "Laten we doorgaan met deze show. De band is in topvorm. Dus ik kijk erg uit naar de terugkeer naar Europa." Op dit moment toeren de Stones nog door Azië en later deze maand zullen ze Australië aandoen. Het is 7 jaar geleden dat de band in Europa toerde. De Britse rockers waren in 2007 voor het laatst in Nederland in het Goffertpark in Nijmegen. In 2006 stonden The Stones in de Amsterdam ArenA.
De legendarische popgroep begon in februari in Abu Dhabi aan de tournee 14 ON FIRE. Het was hun eerste optreden ooit in het Midden-Oosten. The Stones beloven de bezoekers in Landgraaf en Werchter klassiekers als Gimme Shelter, Paint It Black, Jumpin Jack Flash, Tumbling Dice, It's Only Rock 'N' Roll, plus nog een aantal prachtexemplaren.
The Rolling Stones kondigen binnen 2 weken nog een aantal grote Europese optredens aan voor de maanden mei en juni.
Beatstad nummer 1 Den Haag domineert de Nederlandse popmuziek
Halverwege de jaren zestig is Den Haag uitgegroeid tot dé muziekstad van Nederland. De muziek die dan populair is, heet beat. De bekendste Haagse bands in die jaren zijn The Golden Earrings, The Motions, The Haigs en Q65. Naar verluid telt de stad in 1966 maar liefst tweeduizend bands. De muzikanten verzamelen zich in Servaas, één van de eerste muziekwinkels die elektrische apparatuur uit Amerika importeerde. In eerste instantie staan vooral Britse en Amerikaanse covers op het repertoire, maar al snel worden ook eigen nummers geschreven. Please Go van The Golden Earrings is in 1965 de eerste grote beathit. In die jaren is de Haagse beatscene op zijn hoogtepunt: er zijn hits voor The Golden Earrings (o.a. That Day), The Motions (Wasted Words, Why Don't You Take It), Sandy Coast (A Girl Like You en And Her Name) en Q65 (The Life I Live), Golden Earring-manager Jacques Senf (ook wel de ‘beatkoning’ genoemd) opent zijn eigen beatclub Club 192 aan de Scheveningse pier, in de Haagse GTB-studio ontstaan vele hits en het bureau van Paul Acket (ook uitgever van de populaire muziekbladen Muziek Express en Popfoto) organiseert vanuit de Hofstad vele concerten in Nederland. Het is met recht dat Den Haag in die jaren het Liverpool van Nederland wordt genoemd.
Een akkoordbegeleidingsmondharmonica is een mondharmonica waarop op vier gaatjes tegelijk geblazen of gehaald wordt. Met blazen krijg je alle majeur- en mineurakkoorden. Met halen (zuigen), septiem-, overmatige- en verminderde akkoorden. Het instrument wordt meestal gebruikt in combinatie met de basmondharmonica.
Een basmondharmonica is een mondharmonica die speciaal geconstrueerd is om losse tonen in het basregister te spelen. Het instrument wordt meestal in samenspel gebruikt, van trio's (denk aan het Hotcha Trio en Fata Morgana) tot grote mondharmonicaorkesten. Op deze bas wordt alleen geblazen.
MondharmonicaorkestenEr zijn twee verschillende soorten mondharmonicaorkesten:
• Diatonische orkesten
De leden zijn meestal ingedeeld in diverse partijen waarbij men gebruikt maakt van meerdere diatonische instrumenten in verschillende toonsoorten. De zogenaamde 'Wender' heeft zelfs zes verschillende instrumenten stervormig aan elkaar zitten, waardoor het veranderen van toonsoort snel en gemakkelijk plaatsvindt.
• Chromatische orkesten
In meerdere partijen, soms wel 11 verschillende, wordt gebruikt gemaakt van de chromatische mondharmonica. Voor de lage melodiestemmen zijn er de tenor mondharmonica's (met een bereik van 3 octaven) of de grotere met een bereik van 4 octaven. Voor de hogere stemmen worden ook kleinere chromatische mondharmonica's gebruikt. Als ondersteuning worden de basmondharmonica en het akkoordbegeleidings-instrument gebruikt.
De moeilijkheid van de muziek loopt van eenvoudige meezingers tot klassieke werken op hoog niveau, van vlotte entertainment tot speciaal gecomponeerde 'nieuwe' muziek.
Veel orkesten zijn aangesloten bij de NOVAM, de Nederlandse Organisatie voor Accordeon en Mondharmonica).
De mondharmonica en de klassieke muziek
Er bestaat slechts weinig literatuur voor mondharmonica en een klassieke orkest- of kamermuziekformatie, zeker niet van componisten met grotere bekendheid, tot de mondharmonica met Toots Tielemans de status van soloconcertinstrument (1995: Concerto For Harmonica) kreeg.
Gordon Jacob schreef een "Divertimento voor mondharmonica en strijkkwartet".
De mondharmonica is een instrument dat over de hele wereld verspreid is, en het was het eerste instrument dat door mensen buiten de dampkring werd bespeeld (astronaut Wally Schirra tijdens Gemini VI, 1966).
The Byrds is in de jaren '60 van de vorige eeuw een populaire Amerikaanse popgroep. De groep is in 1964 opgericht in Los Angeles door zanger en gitarist Jim McGuinn (later verandert hij zijn naam in Roger McGuinn), David Crosby en Gene Clark. Later voegen Chris Hillman en Michael Clarke zich bij de groep.
Midden in het jaar 1965 breken The Byrds uit Los Angeles door met de single 'Mr. Tambourine man'. De plaat snelt naar de eerste plaats in de Amerikaanse Billboard hitlijst en kan beschouwd worden als de eerste plaat die de folkmusic van Bob Dylan en de rockmuziek van The Beatles met elkaar combineert. Op het moment waarop "Mr. Tambourine" op de eerste plaats staat, wordt het gelijknamige debuutalbum uitgebracht, dat in de studio’s van Columbia in Hollywood in de lente van 1965 is opgenomen.
The Byrds bestaat uit vijf zeer getalenteerde muzikanten (Roger McGuinn, Gene Clark, David Crosby, Chris Hillman en Michael Clarke), maar omdat ze nog niet bekend zijn krijgen ze slechts beperkte studiotijd toegemeten voor het album. De jonge talentvolle producer Terry Melcher (zoon van Doris Day) had zijn twijfels of alle leden van the Byrds onder de strakke deadline van de beschikbare studiotijd wel optimaal zouden presteren. Daarom werden beroemde muzikanten ingeschakeld. Op het door Gene Clark Beatle-achtige 'I knew I’d want you' zijn alleen Roger McGuinn als zanger gitarist te horen en mogen David Crosby en Gene Clark meezingen. Op piano is Leon Russell te horen, op bas Larry Knechtel en op drums Hal Blaine.
Vera Lynn
Gene Clark is de belangrijkste schrijver van de groep. Hij componeert vier van de twaalf songs. Op het album staan ook vier songs van Dylan waaronder naast '' Mr. Tambourine ma'n ook het nummer 'All I really want to do', dat in een iets andere versie op single zou verschijnen in het in Europa beter deed dan in de VS. Opmerkelijk is het slotnummer van het album. 'We’ll meet again' is vooral bekend uit de tweede wereldoorlog in de versie van Vera Lynn. The Byrds kwamen op het idee het nummer op te nemen toen ze het nummer hoorden aan het eind van de film Dr. Strangelove. Ze droegen het op aan Peter Sellers en Stanley Kubrik. Het door Jackie DeShannon geschreven "Don’t doubt yourself, babe" namen the Byrds op als dank, omdat Jackie de eerste artieste was, die in het openbaar zei, dat the Byrds een fantastische groep was en ze the Byrds aan werk hielp.
'Mr. Tambourine man' haalde een 6e plaats in de Amerikaanse albumlijst en een 5e plaats in de Engelse albumlijst. Een nummer waarin het talent van Gene Clark goed naar voren kwam is 'I’ll feel a whole lot better'. Gene schreef het nummer zelf en let op het subtiele in de tekst, want hij zingt "I’ll probably feel a whole lot better when you’re gone".De groep krijgt te maken met vele personeelswisselingen en zal tot 1973 platen uitbrengen.
Wie van muziek houdt zal vast wel weten wat een frequentie is; het aantal trillingen (van geluid) per seconde. Hoe hoger de frequentie, hoe hoger de muziektoon.
Kleine verschillen maken een groot verschil. Om bijvoorbeeld een radiozender te kunnen beluisteren moeten zender en ontvanger op dezelfde frequentie staan afgesteld, anders is er ruis in het spel.
Voor kenners schijnt muziek met een grondtoon van 432 Hz helderder, zachter en prettiger te zijn om naar te luisteren. Volgens alternatieve genezers voorkomt 432 Hz gehoorschade. Een heel luid volume in 432 Hz geeft géén oorpijn. Spiritisten menen dat het beter is voor de chakra's dan de huidige 440 Hz. Belangrijkse reden om de 440-frequentie als evil te beschouwen is volgens believers dat de Nazi's het geintroduceerd hebben.
Geheel tegen de waarheid in wordt verteld dat de Nazi's van Adolf Hitler in 1939 besloten de standaardtrilling van geluid aan te passen naar 440 Hz. Sindsdien zouden alle stemvorken en instrumenten daarop gestemd zijn. In werkelijkheid hebben de Nazi's er bitter weinig mee te maken en werd de norm van 440 Hz midden de 19e eeuw internationaal bepaald. Daarnaast was de 1939-toonwijziging geen beslissing van de Nazi's maar wel van de Amerikanen die de US Standard Pitch vastlegden.
Hier en daar pleiten mensen met het Nazi-argument voor de herinvoering van de 432 Hz-stemming. Zo ook Hendrikus Godvliet die samen met Enschedese journalist en muziekliefhebber Richard Huisken het comité Terug naar 432 Hz bestaansrecht geeft. Godvliet gaf in het gesprek aan dat het beter zou zijn als alle muziekinstrumenten weer gestemd worden naar de originele standaard van 432 Hz, al zal het volgens hem niet meevallen om dit opnieuw wereldwijd in te voeren.
The Beatles beginnen op 2 Maart 1964 op Marylebone Station in Londen met de opnamen voor een film, die uiteindelijk A Hard Days Night gaat heten. Wanneer de filmopnamen beginnen is er geen titel, wel zijn er verschillende werktitels, zoals: Beatlesmania en The Beatles Film. The Beatles zelf zijn ook hard aan het denken voor een goede titel. Zo komt George Harrison met de titel It's A Daft Daft Daft Daft World. Paul McCartney bedenkt Oh What A Lovely Wart. Het is uiteindelijk Ringo Starr die met de uiteindelijke titel komt, wanneer hij na een lange dag in de studio verzucht "It's Been A Hard Day". De andere drie Beatles zeggen dat het al bijna nacht is, waarop Ringo zegt "It's Been A Hard Day's Night". De eerste bioscoopfilm van The Beatles wordt geregisseerd door Richard Lester. De opnamen van de film duren in totaal acht weken, en gaat op 6 Juli 1964 in Londen in première.